Het spul van Spriet

Deze boerderij stond met de achterkant tegen een sloot aan en was vanuit het veld varend bereikbaar.


Achter de boerderij lag een open stukje grond. In de kermistijd werd hier een grote tent neergezet (in de volksmond bekend als "Het spul van Spriet"), waar toneelvoorstellingen in werden gegeven. En dan kwam weer een houten woonhuisje, generaties achtereen bewoond door telgen van de familie Bakker. Aan het eind van de Zandhoek liep een slootje; een bruggetje daarover voerde naar de Domineestuin. Het slootje heette de Orgelmakersgracht. Het had deze naam te danken aan een van de leden van de familie Bakker, die aan het eind van de negentiende eeuw leefde. Hij was een groot muziekliefhebber, en bovendien een verwoed knutselaar. Die twee met elkaar combinerend, bouwde hij voor zijn zonen eigenhandig een draai-orgeltje. De hele buurt was er vol van, en alom was de mening dat het instrument aan den volke getoond moest worden.

En dus werd op een goede dag het instrument naar buiten gehaald en over bruggetjes gesjord voor een buiten-concert. De voorstelling viel echter in het water. Het volume van het instrument was ontoereikend om de toegestroomde mensen ook maar iets te doen horen. Maar de bewondering voor de knutselaar Bakker werd er niet minder door. De sloot bij zijn huisje werd de Orgelmakersgracht genoemd, en thans draagt een van de paden in de buurt die naam. Over de Orgelmakersgracht voerde een bruggetje naar de Domineestuin. Dit pad was eveneens aan twee zijden bebouwd, er huisden hier negen gezinnen. Achter de woonbebouwing lag het (al genoemde) kantoor van de Voorwaarts.

Terug naar de Nieuwe Vaartkade. Tussen de Zandhoek en het Hazepad waren twee bruggetjes. Op het land daartussen stonden een paar woonhuisjes en twee dubbele woonhuizen. Op de hoek van de Nieuwe Vaartkade en het Hazepad was dan wederom een pandje waarin een kruidenierswinkel en een kroeg werden gedreven. Maar dit pand behoorde reeds bij het Hazepad, we zijn de buurt Achter de kerk weer uit.
Reageer op dit artikel