Op 23 november 1993 schreef de Dienst Stadsontwikkeling en Openbare Werken het volgende advies over de vaarverbinding Guisveld (Zaandijkersluis bruggen Rooswijk) aan B&W.
Geacht college,
Onderstaand wordt ingegaan op de vaarverbinding in en door het plan Rooswijk en, in het verlengde daarvan, vanaf de Zaan door de Zaandijkersluis. Alhoewel deze zaken los van elkaar beschouwd kunnen worden - immers een vaarverbinding vanuit oud Zaandijk door Rooswijk en vanuit dit plan naar het Guisveld kan zeer wel bestaan zonder een directe verbinding met de Zaan - worden ze beide in het onderstaande aan de orde gesteld.
De renovatie van de Zaandijkersluis gaat een half miljoen gulden kosten. Daar komen nog eens kosten voor de aanleg van 'kunstwerken' bij. De gemeente had in de meerjaren-begroting rekening gehouden met een bedrag van 250.000 gulden. Aangezien de kosten dubbel zoveel bedragen wil het college de raad voorstellen af te zien van deze renovatie.
In de meerjarenbegroting voor het jaar 1992 was een bedrag van 250.000 gulden opgenomen voor renovatie van deze sluis. De kosten van herstel worden op 500.000 gulden geraamd. Daarbij komt dat, wil van een acceptabele situatie sprake kunnen zijn, ook aan de verder in de route gelegen kunstwerken voorzieningen moeten worden getroffen. Met name zal de naast de sluis gelegen brug in de Lagedijk (B) (weer) beweegbaar moeten worden gemaakt. Met enkele kleinere voorzieningen zal dan nog eens 500.000 gulden nodig zijn.
Conclusie
Deze investeringen zijn dermate hoog dat naar mijn mening de conclusie moet luiden om te besluiten de sluis
NIET te renoveren.
II. Water. bruggen en dam in plan Rooswijk Noord
Uitgangspunt voor de doorvaarbaarheid en doorschaatsbaarheid van Rooswijk Noord, ook vanuit bestaand Zaandijk en bestaand Rooswijk in relatie tot het Guisveld, was een doorvaarthoogte van 1,7m voor de nieuw te bouwen bruggen. In de laatste realisatiefase zijn enkele aanpassingen op dit uitgangspunt noodzakelijk. Voor de nog te realiseren brug I, onder andere onderdeel van de busroute , en direct gelegen aan 2 kruispunten, blijkt de wegbolling bij een doorvaarthoogte van 1,7m zeer problematisch. Dit niet alleen voor busverkeer maar ook voor voetgangers op de trottoirs. Afzwakking van deze bolling is hier dan ook onontkoombaar. De doorvaarthoogte zou daarbij teruggebracht moeten worden tot 1,10m.
Tussen het plan Rooswijk-Noord en de Dr. J.J. van der Horststraat komt geen brug maar een dam. Het college van B&W is er achter gekomen dat een brug niet per se hoeft en een dam bovendien goedkoper in aanleg is. De gemeenteraad moet zich over dit voorstel nog uitspreken.
De bestaande lage brug 2 (onderdeel busroute) is verouderd, vergt veel onderhoud en zou moeten worden vervangen door een nieuwe brug. Deze nieuwe brug zou een doorvaarthoogte van 1,7 m kunnen krijgen, even hoog als de andere gerealiseerde bruggen over de Sluissloot en goed berijdbaar voor verkeer, waaronder bussen. Financiering (425.000 gulden) kan plaatsvinden door een verschuiving in de meerjaren-begroting. De voorgaande benadering maakt de gedachte op zich kostbare brug op positie A overbodig. Deze situatie binnen het plan kan dan ook door een dam worden bepaald. Hierover is overleg gevoerd met Het Lange Rond. Deze dam is in relatie tot de exploitatie van het plan Rooswijk Noord ook gewenst omdat deze goedkoper is dan een brug. De dam past in het globale bestemmingsplan Rooswijk Noord. In het uitwerkingsplan van dit deel is in eerste instantie een brug aangegeven omdat dat gezien de toenmalige inzichten (begin 1992) voor de hand lag. Vervolgens heeft dit uitwerkingsplan gediend ter ondersteuning van de artikel 19-procedure ten behoeve van de woningbouw in de 2e fase. Juridisch heeft dit uitwerkingsplan momenteel nog geen enkele status. Voordat het uitwerkingsplan ter visie zal worden gelegd (1e kwartaal 1994) zullen plankaart en voorschriften van het uitwerkingsplan aangepast worden aan de laatste feitelijke wijzigingen.
III. Langzaamverkeerstunnel
De bovengeschetste opzet met betrekking tot de bruggen gaat er expliciet vanuit dat de bestaande brug 3 onder de Provincialeweg en de spoorbaan bevaarbaar blijft. Het zou namelijk mogelijk zijn om een fiets- en voetgangersverbinding in deze onderdoorgang te construeren. Wil daarbij echter van een acceptabele situatie voor het fietsĀen voetgangersverkeer sprake kunnen zijn, dan is doorvaart door deze brug niet meer mogelijk. Bovendien is het in deze situatie niet mogelijk om vanaf dit in de brug te construeren fietspad een verbinding door middel van een trap te maken naar het fietspad in de Provincialeweg. Dit laatste is naar mijn mening een noodzakelijk uitgangspunt bij de realisering van een verbinding voor langzaam verkeer tussen Rooswijk Noord en oud Zaandijk. Tenslotte is een dergelijke verbinding uit een oogpunt van sociale veiligheid niet gewenst: vrije zichtlijnen zijn in een dergelijke situatie niet aanwezig. Ik stel mij dan ook voor deze verbinding te realiseren door middel van een tunnel direct ten noorden van de brug 3 onder de spoorbaan en Provincialeweg, namelijk op positie C. Er zal separaat een voorstel voor kredietverlening voor aanleg van deze tunnel worden gedaan. Het streven is erop gericht in overleg met de Nederlandse Spoorwegen deze tunnel medio 1995 gereed te hebben.
Advies
Gelezen het voorgaande nodig ik u uit te besluiten respectievelijk bij de gemeenteraad te bevorderen dat:
- de Zaandijkersluis niet te renoveren
- de te bouwen brug 1 in Rooswijk Noord een doorvaarthoogte van 1,10 m te geven
- de oorspronkelijk geplande brug op positie A te vervangen door een dam
- de bestaande brug 2 over de Sluissloot tegenover het stadhuis te vervangen door een vaste hoge brug met een doorvaarthoogte van 1,7 m. De investering, groot 425.000 gulden te dekken uit de in de meerjarenbegroting, schijf 1994, opgenomen bedragen van 325.000 gulden voor herstel van de brug in de Marktstraat te Wormerveer en 100.000 gulden voor herstel van een brug in de J.J. Allanstraat te Westzaan
- de geprojecteerde voet-fietsverbinding tussen Rooswijk Noord en oud Zaandijk te realiseren door middel van een direct ten noorden van de Sluissloot aan te leggen tunnel op positie C.
Hoogachtend,
ir. Ria J. Steenaart, directeur.