Het programma van eisen omvat verschillende algemene eisen, randvoorwaarden en uitgangspunten, op grond waarvan een keuze met betrekking tot de renovatie kan worden genomen.
Tevens worden de randvoorwaarden en eisen bij nieuwbouw vermeld voor zover dezen verschillen van renovatie.
Uitgangspunten
Bij het bedrijfsklaar maken van de sluis behoren alle voorzieningen die aanwezig moeten zijn om te voldoen aan de hedendaagse eisen met betrekking tot veiligheid en bedrijfszekerheid. Hierdoor zal de levensduur van de sluis met tenminste 25 jaar verlengd worden ervan uitgaande dat er periodiek onderhoud gepleegd wordt.
De afmetingen van de sluis. c.q. het profiel van vrije ruimte en de lengte van de kolk, dienen gehandhaafd te blijven.
De bestaande omliggende bebouwing en aanwezige infrastructuur blijft intakt.
Ook bij nieuwbouw geldt dat de afmeting van de sluis wordt opgelegd door de omliggende bebouwing. De afmetingen van de kolk zullen dan vrijwel gelijk blijven aan de bestaande situatie. Echter bij nieuwbouw zal de levensduur van de sluis tenminste 100 jaar bedragen uitgaande dat er periodiek onderhoud wordt gepleegd worden.
De layout van de voorhaven, de wacht en opstelplaatsen dient zodanig te zijn dat de schepen vlot en schadevrij de sluis in worden geleid.
Randvoorwaarden
Vormgeving en inpassing
De sluis dient voor wat betreft de vormgeving en materiaalgebruik aan te sluiten op de pitoreske omgeving van de Zaanse Schans. De sluis heeft een historische waarde en het bedrijfsgereed maken dient zodanig te zijn dat de sluis zijn historische waarde behoudt. Dit leidt tot het volgende:
- Bij de renovatie van de sluis dient het metselwerk gerestaureerd te worden.
- De sluisdeuren dienen uitgevoerd te worden als dubbele puntdeuren en vervaardigd van hardhout. Uit kosten oogpunt zou eventueel gekozen kunnen worden voor enkelvoudige draaideuren. De effectieve kolklengte wordt hierdoor echter verkort met circa 6 m tot circa 12 m en tevens is een verlenging van de deurkas aan een zijde vereist. Deze aanpassingen bepalen dat uitgegaan wordt van dubbele puntdeuren.
- Bij nieuwbouw zullen de zichtbare gedeelten van de kolkwand indien mogelijk uitgevoerd moeten worden in metselwerk om een goede inpassing in de omgeving te bewerkstelligen.
Kabels en leidingen
Er dient rekening gehouden te worden met de aanwezige kabels en leidingen. In overleg met de nutsbedrijven zal, indien de noodzaak daartoe blijkt, besloten worden in hoeverre voorzieningen getroffen moeten worden voor het in de toekomst aanbrengen van kabels en leidingen.
Functionele eisen
Functies van de sluis
Schutsluis Sluissloot heeft twee functies te weten:
- Waterkering
De kerende hoogte van de deuren bedraagt, uitgaande van de waterstanden op de Zaan en in de Sluissloot, 0,55 m.
- Schutsluis
Uit de lengte en breedte van de sluiskolk en de gemeten drempeldiepte volgen de maximale afmetingen van de schepen die gebruik kunnen maken van de sluis na renovatie.
maximale diepgang 1,40 m
doorvaartbreedte 4,60 m
lengte schutkolk 18,35 m
Uitgaande van de "Richtlijnen voor de afmetingen en vormgeving van vaarwegen en bruggen voor de recreatievaart" opgesteld door de Commissie Vaarwegbeheerders (CVB), waarin een klasse indeling van de recreatievaart is aangegeven, blijken de volgende type schepen geschut te kunnen worden:
Conditie
Zeilboten Klasse 1 (diepgang 1,25 m). De relatief grote diepgang van zeilboten maakt de sluis voor schepen van een hogere klasse ongeschikt.
- Motorboten tot Klasse 2 (diepgang 1,10 m).
Opmerkingen:
De schutsluis Sluissloot is door zijn beperkte lengte niet geschikt voor de zogenaamde 'bruine vloot'. Dit zijn voormalige bedrijfsvaartuigen voorzien van zeilen. Verder behoren hiertoe charterschepen als de grootste categorie pleziervaartuigen in privé bezit. De maatgevende scheepsafmetingen voor de bruine vloot zijn weergeven in tabel 1 (bron CVB)
Bruine vloot
Klasse BV1
hoogte 12m
diepgang 1,20m
breedte 5,50m
lengte 25 m
BV1 is de bruine vloot met uitzondering van de allergrootste schepen. Doorgaans is dit de maatgevende categorie voor vaarwegen aan beschut water.
- Het aantal bedrijfsvaartuigen, dat gebruik kan maken van de sluis, is door de kleine lengte van de sluiskolk, zeer beperkt.
- Tijdens de inspectie van de sluis bleek in de kofferdam een beweegbare schuif aanwezig te zijn. Daar echter sprake was van een sliblaag tot boven de doorlaatopening en de aanwezige opening relatief klein is, kan gesteld worden dat de sluis geen spuiende functie vervult.
Afmetingen van de constructie
Voor het bedrijfsgereed maken van de schutsluis Sluissloot dient te worden uitgegaan van de bestaande geometrie. Dit leidt tot de volgende eisen:
- Drempeldiepte (opgelegd) NAP - 2,44 m
- Doorvaarthoogte geen beperking door sluis
- Profiel van vrije ruimte
- nuttige breedte 4,60 m
- nuttige lengte 18,35 m
Met uitzondering van de drempeldiepte gelden dezelfde eisen voor nieuwbouw ter plaatse van de huidige sluis. Een mogelijke verbreding van kolk leidt door de beperkte doorvaartbreedte van de brug (ook 4,60 m) niet tot een grotere toelaatbare breedte van de te schutten schepen. Een toename van de diepgang door het verlagen van de drempel is wel mogelijk. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de landhoofden van de brug door middel van een betonnen plaat met elkaar verbonden zijn. De bovenkant van deze plaat ligt volgens tekening op NAP -2,97 m. Verder is het bodemniveau van de Sluissloot van belang. Of de verlaging van de drempel gewenst is dient door een onderzoek naar de schepen die van de sluis gebruik zullen maken, bepaald te worden.
Kerende hoogte schutsluis
De waterkerende hoogte van de schutsluis dient in overeenstem-ming te zijn met de kerende hoogte van de waterkering van de Zaan en de gestelde minimale kerende hoogte volgens de dijkbeheerder.
De bovenkant van de bestaande deuren ligt op:
buitendeur NAP + 0,35 m
- binnendeur NAP + 0,10 m
Het niveau van de kruin van de dijk is NAP + 0,60 m. Het verschil tussen beide waarden kan worden verklaard doordat de sluisdeuren zich deels in de luwte van de steiger en invaaropening bevinden. Ook golfslag bij westenwind zal hier niet maatgevend zijn daar de opening naar de Zaan zich aan de oostzijde bevindt.
Hydraulische eisen
Stroomsnelheden
De doorgaans vrij lichte boten zijn gevoelig voor een strerke stroom. In een sluiskolk zal de sterkste stroom meestal ontstaan door schroefwater van gelijkgeschutte schepen en ten gevolge van het in- of uitstromende water tijdens het schutten. Het schutten van een tweetal schepen zal door de beperkte lengte van de kolk slechts voor zeer kleine schepen mogelijk zijn.
Als maximale stroomsnelheid bij het schutten kan een waarde van circa 0,25 m/s aangehouden worden.
Belastingen
De in rekening te brengen hydraulische belasting bestaat uit (conform Leidraad toetsing, concept 3 d.d. 920101, Technische Adviescommissie voor de Waterkeringen
- waterstand
- windgolven
- scheepsgolven (schroefstraalstromen)
- translatiegolven
- kwelstroom
Naast hydraulische belastingen dient rekening gehouden te worden met bijzondere belastingen. Deze zijn:
- ijsbelasting
- scheepsaanvaringen
- windbelasting
- wrakhout, drijvend vuil
- belastingen op de deuren tijdens beweging (inclusief belastingen als gevolg van obstakels tussen drempel en deur)
- rekreatie en vandalisme
Noot: Directe ijsbelasting voor de veiligheidstoetsing is niet van belang daar de kans dat aangerichte schade gepaard gaat met een hoge waterstand en tegelijkertijd een zware golfaanval, is zeer gering.
Sterkte
Zie paragraaf 4.5.
Voorhaven
Voor een doelmatig en vlotverlopend schutproces is de vormgeving van de voorhaven van belang. Essentieel hierbij zijn de manoeuvreerbaarheid van de schepen, het aantal wacht- en opstelplaatsen. De fuikpoten van de voorhaven kunnen hier onder een helling van 1:4 ten opzichte van de as van de sluis geplaatst worden. Aangezien de sluis alleen gebruikt zal worden door recreatievaart en kleine bedrijfsvaartuigen, zal de manoeuvreerbaarheid nauwelijks problemen geven. Derhalve wordt een helling van 1:4 toelaatbaar geacht.
De stroomsnelheden in de voorhaven ten gevolge van de het uitstroomdebiet dienen lager te liggen dan 0,25 m/sec. Om uitschuring te voorkomen dient ter plaatse een bodembescherming aangebracht te worden.
Dwarsstromen zijn hier verwaarloosbaar, daar de stroomsnelheden op de Zaan relatief klein zijn.
Wacht- en opstelplaatsen
Er kunnen na in gebruikstelling van de sluis wachttijden ontstaan, zodat wacht- en opstelvoorzieningen noodzakelijk zijn. De wachtgelegenheid dient zo dicht mogelijk bij de sluis gelegen te zijn en moet tevens zodanig gesitueerd zijn dat reeds geschutte vaartuigen geen hinder ondervinden.
Op de wacht- en opstelplaatsen dienen de nodige voorzieningen te worden aangebracht, zoals bolders, ringen, wrijfhouten doorhaalkettingen of handrailingen.
In verband met de stabiliteit van de constructie of nabijgelegen oevers dient aandacht te worden besteed aan de erosie als gevolg van schroefstraalstromen. Hiertoe dient een bodembescherming ter plaatse aangebracht te worden.
Bij het ontwerp zal rekening gehouden moeten worden met golfslag en waterspiegeldaling als gevolg van beroeps- en recreatievaart op de Zaan.
Operationele eisen
Bediening van de sluis
De voormalige sluis werd door de gebruiker zelf door middel van een rad bediend. De bedieningswijze bij het bedrijfsgereedmaken en bij nieuwbouw dient werderom door de gebruiker zelf te worden uitgevoerd. Een goede afstemming met de bediening van de ophaalbrug is hierbij een vereiste. Voor de bediening zijn twee mogelijkheden:
- De bediening is in zijn geheel mechanisch en het bewegingswerk moet handmatig door de gebruiker aangedreven worden.
- De bediening is handmatig maar het bewegingswerk zal electromechanisch of hydraulisch aangestuurd worden.
Uitgaande van het rekreatieve karakter van de sluis en uit kosten oogpunt verdienen handmatig aangedreven bewegingswerken de voorkeur.
De bewegingswerken zullen bedrijfszeker ontworpen moeten worden. Ook moeten extra veiligheidsmaatregelen tegen ondeskundig gebruik worden genomen. Algemeen kan worden gesteld dat de bediening eenduidig en eenvoudig dient te zijn.
Toegankelijkheid
Het moet mogelijk zijn om vanaf de schepen op het sluisplateau te komen. Hiertoe moeten ladders en eventueel een loopbrugover de sluisdeuren geplaatst worden.
Onderhoud
Als uitgangspunt geldt dat het onderhoud aan de sluis inclusief bewegingswerken, nadat deze bedrijfsklaar is gemaakt, als normaal kan worden gekarakteriseerd. Door aandacht te besteden aan de kwaliteit, dimensionering en materiaalkeuze bij de herstelwerkzaamheden zal hiernaar gestreefd worden.
Voor normaal onderhoud is het niet noodzakelijk dat de sluis drooggezet behoeft te worden.
Voorzieningen
De nodige voorzieningen voor het waarborgen van de veiligheid tijdens het gehele schutproces dienen te worden aangebracht in de omgeving van de sluis.Deze voorzieningen dienen enerzijds ter voorkoming van lichamelijk letsel of gevaar en anderzijds ter voorkoming van schade aan de schepen of aan de sluis. Te denken valt aan onder andere voldoende haalkommen, railingen, reddingsboeien, etc. Ook is de aanwezigheid van duidelijke bedieningsvoorschriften vereist.
Verder kunnen afhankelijk van de financiele mogelijkheden de volgende voorzieningen aangebracht worden:
- een telefooncel
- sanitaire voorzieningen
- afvalcontainer
- verlichting
Kruising Lagedijk
Achter het binnenhoofd bevindt zich een stalen ophaalbrug over de sluissloot. Deze brug dient eveneens gerenoveerd of vernieuwd te worden. Het profiel van vrije ruimte dient overeen te komen met dat van de sluis.
Technische eisen
Constructie
De constructie dient te voldoen aan de eisen gesteld overeenkomstig de voorschriften, zijnde de huidige NEN- normen, voorzover van toepassing. Zij worden aangevuld met de voorschriften en richtlijnen zoals gehanteerd door instanties als de ANWB, Rijkswaterstaat, Waterschappen/Hoogheemraadschappen, en Commissie Vaarwegbeheerders.
Deuren
De deuren dienen ontworpen te worden op de hydraulische belastingen alsmede op de belastingen tijdens bewegen.
Herstellen sluis >>>