Historische Vereniging Koog-Zaandijk

Het deurkalf uit het Doopsgezinde Weeshuis

Op de Open Monumentendag zal in de Koger Vermaning ook het deurkalf te zien zijn, dat behoorde tot het Doopsgezinde Weeshuis in Koog aan de Zaan. Het Weeshuis was gebouwd in 1698 en stond aan de zuidzijde van de Schipperslaan, destijds het Stinkpad genaamd, op zo’n 100 meter verwijderd van de Koger Vermaning. Het Doopsgezinde Weeshuis is tot 1911 in gebruik geweest, totdat de Johanna Elisabeth Stichting aan de Lagendijk 41 werd opgeleverd. Het weeshuis is daarna kantoor geweest van Duyvis Oliefabrieken. Het pand is gesloopt in 1958.

Over het deurkalf van het Doopsgezinde Weeshuis is de afgelopen decennia veel te doen geweest. Gedurende een periode van 50 jaar is het deurkalf ‘uit het zicht’ geweest, wat vele pennen in beweging heeft gebracht. Na een tentoonstelling over de Zaanse houtbouw in 1976 in pakhuis “De Lelie” op de Zaanse Schans, waar ook het deurkalf te zien is geweest, bleek het deurkalf zoekgeraakt.

Het goede nieuws is dat het deurkalf thans weer boven water is gekomen en nu is tentoongesteld in de Koger Vermaning.

Op het deurkalf staan drie vrouwenfiguren afgebeeld met van links naar rechts de letters DD , DL en DS. Volgens overlevering zou dat staan voor De Deugdzaamheid, De Liefde en De Spaarzaamheid (let op geldbuideltje in haar rechterhand). Verder staat er een “M” en een “B”  op de figuren, maar helaas is daarvan de betekenis onbekend.

In De Zaanlander van december 1986 was een heel artikel gewijd aan het deurkalf, dat wij hieronder hebben opgenomen.

Het raadsel van het verdwenen deurkalf
Door: Erwin Olij

KOOG AAN DE ZAAN – “Onze stichting heeft het voormalige Doopsgezinde weeshuis aan de Schipperslaan van de NV Oliefabrieken T. Duijvis Jzn. ten geschenke gekregen, teneinde dit gebouw te zijner tijd te kunnen herbouwen op de Zaanse Schans. Men heeft er ons echter van in kennis gesteld, dat het gesneden deurkalf boven de voordeur uw eigendom is.”

Dat staat in een brief, die de stichting Zaans Schoon op 16 juli 1957 aan de kerkeraad van de Doopsgezinde Gemeente Koog en Zaandijk heeft verstuurd. In deze brief vraagt Zaans Schoon de beschikking over het deurkalf, een koppelbalk of regel tussen deur en lichtraam, omdat het een ‘integrerend constructief onderdeel is van het gebouw en zij het graag bij herbouw van het weeshuis wilde gebruiken. De kerkeraad gaf het deurkalf vervolgens in bruikleen aan Zaans Schoon. Van herbouw is nooit iets terechtgekomen en sinds 1976 is het deurkalf spoorloos verdwenen.

Het Doopsgezinde Weeshuis in 1945

Vele Zaanse panden hebben in de loop der tijd plaats gemaakt voor nieuwbouw en bedrijfsuitbreidingen, zo ook het Doopsgezinde Weeshuis. Het weeshuis werd in 1697 gebouwd, toen de diaconen van de Vereeniging Waterlandse en Vlaamse Gemeente (thans de Doopsgezinde Gemeente van Koog en Zaandijk) meenden dat de wezen van de gemeente in een apart tehuis moesten worden samengebracht. Voor die tijd vonden de wezen onderdak bij de leden van de kerkgemeente.

De bouw van het weeshuis werd in een half jaar tijd voltooid onder leiding van de opzichters Jacob Cornelisz. Honigh en Claes Arisz. Caeskoper. De bouwgrond werd voor 400 guIden aangekocht van Floris de Lange, de burgemeester van Zaandijk. De totale kosten bedroegen 4460,14 gulden. Daar waren de kosten bij inbegrepen die gemaakt waren om vrijstelling van ‘imposyty’ (belasting) te krijgen bij de Staten van Holland en West-Friesland.

Vrouwenfiguren
Het gebouw bezat een deurkalf waarin drie vrouwenfiguren waren uitgesneden met de letters DM, DL en DS. Volgens mondelinge overlevering staan de letters voor De Milddadigheid (Noot. Deze vermelding is niet geheel juist: er staat DD, hetgeen zou staan voor De Deugdzaamheid, red.), De Liefde en De Spaarzaamheid.

Het weeshuis heeft tot 1911 dienst gedaan. Toen werd het overbodig omdat er een beter toegerust gebouw kwam, De Johanna Elizabeth Stichting. Dat laatste werd gebouwd dank zij een erfenis van Hendrik Sweepe jr. Dit pand staat er nu nog, maar is niet meer in het bezit van de gemeente.

Claim
Bij de verkoop van het weeshuis aan de firma T. Duijvis Jzn. heeft de Doopsgezinde gemeente een claim neergelegd op het siersnijwerk. Duijvis kocht het weeshuis om ruimte te creëren voor fabrieksuitbreiding. Om het karakteristieke gebouw te sparen gaf de firma het in 1957 ten gechenke aan de stichting Zaans Schoon.

De stichting was aanvankelijk van plan het weeshuis af te breken en te herbouwen op de Zaanse Schans. Dat plan heeft echter geen doorgang gevonden, mede door het beschikbaar komen van het dorpsweeshuis van Westzaan, dat tegenwoordig bekend staat als restaurant De Walvis.

Het deurkalf is, na de sloop van het gebouw, nog wel gebruikt. Het heeft gediend als blikvanger op de tentoonstelling van Zaanse houtbouw, die in 1976 in Kijkschuur De Lelie werd gehouden. Sindsdien is het spoorloos verdwenen. Volgens Zaans Schoon is het na afloop van de expositie naar de stadswerf in Zaandam gebracht. Daar is het echter nooit aangekomen.

Naspeuringen
De kerkeraad van de Doopsgezinde Gemeente Koog en Zaandijk is een aantal jaar geleden begonnen met naspeuringen toen bekend werd dat de Zaanse Schans was afgebouwd. Het weeshuis was niet herbouwd en ook het deurkalf was niet gebruikt ter verfraaiing van een ander gebouw. De kerkeraad wilde het deurkalf terughebben, niet wetende dat het siersnijwerk inmiddels was verdwenen.

Diverse brieven naar Zaans Schoon en de Stichting Zaanse Schans ten spijt, het deurkalf bleef spoorloos. Tot op de dag van vandaag probeert de kerkeraad er achter te komen waar het houtsnijwerk is terechtgekomen. Ten slotte is het nog steeds eigendom van de Doopsgezinde Gemeente.