Cacao de Zaan

Kwaliteit, veiligheid en milieu (8)

Cacao De Zaan heeft altijd een klantgericht beleid gevoerd; veel ‘klanteisen’ worden geaccepteerd. Levensmiddelenbedrijven in de Verenigde Staten hebben vanaf de jaren zeventig veel invloed op het kwaliteitsbeleid gehad. Hier worden Good Manufacturing Practices (GMP) en Hazard Analysis of Critical Control Points (HACCP) uitgewerkt en toegepast. Daar moet ook Cacao De Zaan aan voldoen. Opleiding en instructie (onder andere over hygiëne) worden steeds belangrijker. Op 15 mei 1990 neemt commercieel directeur Hans Leijdekker de ‘General Mills Award’ in ontvangst van Warren Schwecke. Hiermee is Cacao De Zaan de tweede van de ruim 1500 leveranciers van General Mills, die voldoet aan de zeer strenge eisen op het gebied van procesbeheersing, bedrijfsvoering en voedselveiligheid

Kwaliteit en voedselveiligheid
TQM is gericht op de verbetering van de organisatie en van het proces. De klant is de doelgroep, waarbij met klant zowel de interne collega als de externe afnemer wordt bedoeld. Voor het ISO 9001-certificaat moeten alle taken, verantwoordelijkheden en procedures worden vastgelegd en moet overeenkomstig worden gewerkt (‘zeggen wat je doet en doen wat je zegt’). Als dit certificaat is behaald, is de volgende stap: verbetering. Henk Brinkman, Eelco Holwerda, Dirk-Jan Giskes en Nico Vens zijn verantwoordelijk voor het ISO-9001 traject.

Bij Cacao De Zaan worden in 1991 negen ISO 9001-projectgroepen samengesteld, bij Grace Cocoa vier. In november voert Lloyds een nulmeting uit en stelt vast dat bij Cacao De Zaan met kennis van zaken wordt gewerkt, maar dat er zeer weinig is vastgelegd Dat gaat nu een groep van externe schrijvers doen. TQM- handboeken worden samengesteld. Als onderdeel van ISO 9001 moet het kwaliteitssysteem worden geaudit. Er wordt een auditteam geformeerd met vooral leidinggevenden van allerlei afdelingen. Dit team toetst de procedures en instructies aan de praktijk.

Ook wordt in 1992 een voorzichtige stap gezet in het beoordelen van leveranciers (ook een ISO 9001 normpunt). Bij de kritische leveranciers – zoals verpakkings- producenten en leveranciers van toevoegstoffen – wordt beoordeeld of zij kunnen voldoen aan de kwaliteitseisen van Cacao De Zaan. Als de proefaudit voor ISO 9001 wordt uitgevoerd (juni 1992) is al een groot aantal procedures in de kwaliteitshandboeken opgenomen. De definitieve audit wordt gehouden in februari 1993. Op 29 april 1993 wordt het ISO 9001 certificaat toegekend. Het ISO-traject zorgt voor meer duidelijkheid over taken en verantwoordelijkheden, maar veroorzaakt ook een enorme papierwinkel.

Elektronisch Handboek
Na de grote reorganisatie in 1993 zorgen Gerrit Bakker en Henk Brinkman ervoor dat de TQM-boeken worden vervangen door het Elektronisch Handboek. Computers op de werkplekken hebben een link naar dit handboek. Gebruikers worden getraind. Ook worden de procedures en instructies vereenvoudigd en het aantal documenten drastisch verminderd onder het motto KISS (keep it simple stupid). Bert Havik heeft het Elektronisch Handboek in 2001/2002 vernieuwd en vervolgens is het door Henk Brinkman aangevuld met lesmodules en informatie over relevante onderwerpen.

Audits
Met ISO 9001 heeft ook het auditen zijn intrede gedaan. Er zijn vijf soorten audits: interne audits, leveranciers- en klantenaudits en audits door Lloyds en het American Institute of Bakery (AIB). De audits worden georganiseerd en begeleid door Quality Assurance (QA). Interne audits worden vijf maal per jaar op vaste dagen gehouden door teams van interne auditors. Alle ploegen en afdelingen komen eenmaal per jaar aan de beurt. Bekeken wordt onder meer of iedereen nog werkt volgens de procedures die in het ISO-systeem zijn vastgelegd. Grote klanten komen ongeveer eenmaal per twee a drie jaar langs voor een audit; in totaal zijn het er wel dertig per jaar. Omgekeerd houdt ADM Cocoa audits bij leveranciers van kritische producten (die in of om het product zitten), waarbij de nadruk ligt op voedselveiligheid.

Gerrit Bakker, QA-manager, beheert nu de Approved Supplier List (ASL). AIB is de wereldspecialist op het gebied van GMP en voedselveiligheid. Bij de audit door AIB in maart 2003 krijgen zowel Koog als Wormer het predicaat ‘superior’. Dit wordt bij de audits in 2005, 2006 en 2009 herhaald. Lloyds ten slotte verzorgt de driejaarlijkse audit voor het ISO-certificaat. Eind oktober 2003 slagen de locaties Koog en Wormer met vlag en wimpel voor de nieuwe norm ISO 9001-2000. Sinds 1993 is het certificaat elke drie jaar toegekend.

HACCP en GMP
HACCP richt zich, evenals GMP, op de voedselveiligheid. Het HACCP-systeem legt een aantal punten in het productieproces vast, waar gevaar dreigt voor besmetting van het product. Deze punten moeten elke dag worden gecontroleerd. In november 2000 is een nieuw HACCP- systeem ingevoerd, onder verantwoordelijkheid van Pim Croes (met als eindverantwoordelijke plantmanager Arie van Leeuwen). GMP is een kwaliteitsborgingssysteem waarbij hygiëne een belangrijke rol speelt. Het gaat erom, dat nauwkeurig is vastgelegd hoe en onder welke omstandigheden een product wordt gemaakt. Tijdens de productie worden grondstoffen, tussenproducten en eindproduct gecontroleerd en wordt het proces continu bewaakt. Volgens de principes van GMP moeten alle grondstoffen en verpakkingsmaterialen zijn vastgelegd en voldoen aan de specificaties; moet de kwaliteit van grondstoffen en eindproducten worden getest; moet al het personeel gekwalificeerd en getraind zijn voor de uit te voeren werkzaamheden en verantwoordelijkheden en taken zijn vastgeiegd. Fabrieks- en productieomstandigheden moeten zijn ontworpen en worden gecontroleerd om verontreiniging tegen te gaan en verwisselingen te voorkomen. Alle veranderingen in de werkvoorschriften en eventuele afwijkingen in de gevolgde procedures moeten worden vastgelegd. En ten slotte moet vastliggen wie eindverantwoordelijk is voor de kwaliteit van de producten.

Tot aan het eind van de jaren tachtig heeft veiligheid – afgezien van brandveiligheid – nog weinig prioriteit, al wordt er wel al nagedacht over het beschermen van medewerkers tegen gevaarlijke situaties. Elektrische veiligheid staat al meer in de belangstelling. In die tijd zijn er in Koog gemiddeld vijf tot zeven medewerkers per jaar ziek thuis als gevolg van een ongeval. Eind jaren tachtig is voor het eerst een veiligheidskundige aangesteld, Allan Mynott, voor vier uur per week. Later wordt dat op aandringen van de ondernemingsraad uitgebreid tot acht uur per week. In 1990 wordt besloten een fulltime functionaris aan te stellen voor veiligheids-, milieu- en brandweerzaken. Deze functie wordt tot 1993 ingevuld door Wim van Anen.

Na de reorganisatie in 1993 verdwijnt de veiligheidsfunctionaris even van het toneel, maar in 1995 wordt Frank de Kort in deze functie aangesteld. Hij komt van de afdeling Engineering, waar al veel aandacht is voor het integreren van veiligheid binnen het ontwerpproces. Datzelfde jaar wordt het KMA-team opgericht (Kwaliteit, Milieu en Arbo). Dit bestaat uit Nico Buijs, Co Worm, David-Jan Romijn, Wil Renaud, Frank de Kort, Paul Terpstra en Henk Brinkman (voorzitter). Hun doelstelling: een optimaal en zo veilig mogelijk werkklimaat realiseren en de overlast voor milieu en omgeving minimaliseren. Als basis gelden het Arbojaarplan 1995/1996 en het Milieujaarplan 1995/1996. Een kwaliteitsjaarplan was er al eerder. In 1997 worden de drie plannen tot één groot jaarplan samengevoegd.

Veiligheid wordt op een hoger plan getild, samen met het adviesbureau DNV. Een van de adviezen van het bureau is mensen verantwoordelijk te maken voor verschillende onderdelen binnen veiligheid, de zogenaamde elementen. In eerste instantie gaat de aandacht vooral uit naar (het oplossen van) onveilige situaties. Daarbij wordt het ISRS-systeem gehanteerd. Later wordt er nadrukkelijker gekeken naar het handelen van mensen. In die periode wordt de basis gelegd voor het veiligheidsdenken, waarvoor vier stappen worden gezet:
1. onbewust onveilig werken
2. bewust onveilig werken
3. bewust veilig werken
4. onbewust veilig werken.

In oktober 1996 starten driedaagse cursussen ‘loss control’ voor leidinggevenden. In maart 1997 volgen vijftien sessies van twee dagen voor 240 medewerkers. Het moet leiden tot meer veiligheid en minder verliezen. In die tijd is er gemiddeld elke dag wel iemand afwezig als gevolg van een ongeval. In 1998 volgen alle uitvoerenden in de Technische Dienst ‘ de VVA-opleiding Veiligheid-1. Ook worden ongevallen, bijna-ongevallen en gevaarlijke situaties steeds grondiger onderzocht; om ervan te leren en om situaties te verbeteren. Binnen de voedingsmiddelenindustrie staat het veiligheidsbeleid van Cacao De Zaan al snel (en nog steeds) bekend als vooruitstrevend.

Milieu
In 1986 bouwt Cacao De Zaan een eigen warmtekrachtinstallatie en neemt daarmee het voortouw op het gebied van energiebesparing en beperking van C02-emissies. Het energiebesparingsplan zorgt voor een voortdurende ontwikkeling naar een verantwoord energiegebruik. Met betrekking tot geur- en geluidoverlast is de plaats van vestiging (binnen een woonwijk) de bepalende factor. Al in 1983 is op het nieuwe BMO-complex een 60 meter hoge schoorsteen geplaatst om geuroverlast voor omwonenden te beperken. Eind jaren negentig krijgen de BMW in Koog en de fabriek in Wormer ook zo’n hoge schoorsteen. Wettelijk is het sinds 1999 verplicht. Het beleid ten aanzien van geluidsoverlast heeft zich vanaf begin jaren negentig ontwikkeld. Alle grote bedrijven hebben toen onderzoek gedaan naar de geluidscontouren om hun fabrieken. Gevolg was dat Cacao De Zaan alle huizen direct om het terrein heeft opgekocht.

In 1994 start in Wormer een project om de vervuiling van het oppervlaktewater terug te dringen, door het lozingswater schoner te maken. Het project bestaat uit vier fasen die in 2000 worden afgerond. Daarna wordt het lozingswater in Koog aangepakt.

Eind 2000 stelt ADM drie managers aan die verantwoordelijk zijn voor de voedselveiligheid, de veiligheid van mensen en milieuzaken bij de Europese ADM-bedrijven: Hans Luttikholt, European Environmental manager, Wim Grim, Safety and Loss Prevention manager Europe en Henry van Sadelhoff, Food Safety manager. Op het gebied van voedselveiligheid scoren de locaties Koog en Wormer hoog binnen de Europese ADM-bedrijven. In de Raw Materials Working Group, met vertegenwoordigers van ADM Cocoa, de Processing- en de Specialty Ingredientsdivisie vervullen de QA-mensen uit Koog een voorbeeldfunctie. Hans Luttikholt richt zich op de milieuwet- en regelgeving bij de Europese ADM-vestigingen en de invoering van milieumanagementsystemen. In november 2001 organiseert hij in Koog de ‘European Environmental Meeting’. Wim Grim ondersteunt alle managers van de vestigingen in Europa, Ivoorkust en Singapore op het gebied van de veiligheid van de medewerkers. Het beleid van ADM is er vanaf begin jaren 2000 op gericht elk jaar het aantal ongevallen met verzuim met dertig procent verminderen.

Value Based Safety
Sinds ook ADM vanuit het moederconcern zich er nadrukkelijker op richt, wordt veiligheid meer en meer een kwestie van mentaliteit. In maart 2010 is Value Based Safety (VBS) ingevoerd; een nieuw veiligheidsproces dat medewerkers door observatie en feedback van collega’s bewust moet maken van hun eigen gedrag. Om dit systeem te kunnen introduceren moet een bedrijf al een bepaald veiligheidsniveau hebben bereikt. In Koog en Wormer is dat niveau bereikt. Wim Grim heeft in Decatur de training gevolgd en heeft VBS geïmplementeerd in Koog en Wormer, geassisteerd door zestien medewerkers uit alle delen van de organisatie. Zij kregen een training, hebben VBS verder de organisatie in gebracht en zijn nog steeds bezig meerdere collega’s erbij te betrekken. Het is een systeem dat uitgaat van een positieve benadering van veiligheid. Het doel is dat iedereen praat over veiligheid en elkaar helpt veiliger te werken. In juni 2010 is hier extra aandacht aan besteed tijdens de wereldwijde Veiligheidsweek van ADM, die sinds april 2007 jaarlijks wordt gehouden.

Ongeveer gelijk met VBS is Syntex ingevoerd, een nieuw ongevallenrapportagesysteem. Hierin worden alle veiligheidszaken van alle ADM-vestigingen eenduidig vastgelegd, zodat alle bedrijven eenvoudiger hun ervaringen kunnen uitwisselen. Alle veiligheidsinspanningen hebben effect: het record in Koog staat op 2.062 dagen en in Wormer op 1.315 dagen zonder ongeval met verzuim. Bovendien is gebleken dat de prestaties verbeteren, omdat mensen bewuster bezig zijn met hun werk.

Op 2 januari 1991 start de locatie Wormer op beperkte schaal met de vijfploegendienst. Om de extra productie op te vangen, is een nieuw tankpark aangelegd voor de opslag van cacaomassa. Op 28 februari 1991 slaat Aarnoudse in Koog de eerste paal voor het nieuwe Research & Development Center en in Wormer wordt begin oktober een nieuw Microlab in gebruik genomen. Vanaf 1 september 1991 wordt het nieuwe onderhoudsbeheerssysteem Idhammar ingevoerd.

Met ingang van 22 november 1991 maakt scheepvaartbedrijf J.G. van Bruinessen B.V. te Zaandam deel uit van Cacao De Zaan. Van Bruinessen vervoert dan al 33 jaar de cacaobonen en heeft de beschikking over 105 vaartuigen. Van Bruinessen is 61 jaar en heeft geen opvolger. Cacao De Zaan neemt het bedrijf over om eventuele vervoersproblemen in de toekomst te voorkomen. Om het 80-jarig bestaan van locatie Koog en 70-jarig bestaan van locatie Wormer te vieren wordt een ‘Open Huis’ georganiseerd op 31 augustus 1991. Er zijn meer dan duizend bezoekers.

Op 31 december 1991 vormen Van Bergen (president-directeur), Aarnoudse, Jonkhof en Leijdekker het management van Grace Cocoa buiten de VS en geeft Peek als algemeen directeur leiding aan Cacao De Zaan. Er werken dan 584 medewerkers op de locaties Koog en Wormer.

Bron: De Zaanklok – Personeelsblad van Cacao de Zaan/ADM 1951-2011